Alleen proces in eigen land schoont Servië van Milosevic

Collectief afscheid van suïcidale politiek

byline: Goran Trkulja

Trouw, De Verdieping/Podium; Pg. 15, January 9, 2001

Milosevic moet niet in Den Haag, maar in eigen land berecht worden. Alleen dan ontdoet het Servische volk zich van het imago van internationale paria. Alleen dan kan het volk afrekenen met jarenlange uitbuiting en onderdrukking door een dictator.

De aanklager van het Joegoslavië -Tribunaal, Carla del Ponte, blijft vasthouden aan de beslissing om voormalig president van Joegoslavië Slobodan Milosevic in Den Haag te berechten. Een paar zittingen kunnen zich volgens Del Ponte wel in Belgrado afspelen, maar de hoofdzitting moet in Den Haag zijn. President Kostunica van Joegoslavië ziet het niet zitten. En terecht.

Hoewel Kostunica wel met het tribunaal in Den Haag wil samenwerken is hij niet bereid Milosevic uit te leveren. Hij is eerder voorstander van berechtiging van Milosevic in eigen land. Inmiddels is het openbaar ministerie van Joegoslavie al een onderzoek begonnen naar wanbestuur en corruptie door de ex-president. En namens de nieuwe regering van Servië heeft de beoogde minister van justitie, Vladan Batic, aangekondigd dat Milosevic ook voor oorlogsmisdaden zal worden vervolgd.

 Eigenlijk zouden twee processen tegen de voormalige dictator moeten worden gevoerd, maar dat kan nu eenmaal niet. Het probleem van het naar Den Haag halen van Milosevic wegens oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid, is dat hij dan niet meer voor dezelfde kwesties door zijn eigen volk berecht kan worden.

 Tijdens de tien jaar durende dictatuur van Milosevic is een half miljoen etnische Serviërs uit Kroatië weggejaagd. De meeste van hen verblijven nog steeds als vluchteling in Republika Srpska in Bosnië of in Servië en Montenegro. Hun terugkeer is moeilijk: in Kroatië kunnen ze bijna allemaal een proces tegen zich verwachten wegens nationaal verraad of oorlogsmisdaden. Van de tweehonderdduizend Serviërs die in Kroatië zijn gebleven, zijn de meeste door een hel van discriminatie gegaan tot ze de status van tweederangs burger konden bereiken. In Bosnië zijn twintigduizend etnische Serviërs vermoord en vele duizenden ontheemd in een oorlog die de Serviërs uiteindelijk hebben verloren. De Serviërs zijn beschuldigd voor de vele oorlogsmisdaden in Bosnië, waardoor het hele Servische volk tot een internationale paria is geworden.

 Kosovo kwam als de laatste nederlaag. De honderdduizend Servische vluchtelingen die na de derde verloren oorlog van Milosevic (deze keer tegen de Navo) Kosovo moesten verlaten, zijn de ongewenste gasten in een straatarm Servië geworden.

 Onder Milosevic waren Serviërs voor bijna een decennium buitengesloten van alle internationale contacten: geen zetel voor Joegoslavië in de Verenigde Naties, geen toegang tot financiële bronnen als de Wereldbank en het Internationaal Monetair Fonds (IMF) en daarbovenop een handelsembargo voor Joegoslavië opgesteld door de Verenigde Naties en de Europese Unie. Milosevic was de baas van een geïsoleerd land met een corrupt systeem. Samen met buitenlandse sancties zorgde hij voor een sterk verpauperd Joegoslavië, zozeer dat Servië en Montenegro nu een van de armste landen van Europa zijn.

 Tegelijkertijd werden Milosevic en zijn familie stinkend rijk. In een door een internationaal embargo getroffen land waren hij en zijn naaste medewerkers en familieleden, de baas van de zwarte handel in olie, drugs en wapens. Dat leverde hun miljarden op.

 Geen wonder dat uit zo’n land vooral de jonge mensen zijn vertrokken. Hoewel de juiste gegevens ontbreken, wordt er gespeculeerd over meer dan honderdduizend, meestal goed opgeleide mensen die tijdens het regime van Milosevic naar Amerika en andere westerse landen zijn geëmigreerd. Daarbij komt de ‘witte pest’: de bevolkingsgroei is de laatste jaren negatief, een resultaat van de etnische zuivering die Milosevic tegen zijn eigen volk heeft begaan.

 Juist daarom moet Milosevic in Servië terechtstaan, omdat hij misdaden heeft gepleegd tegen zijn eigen volk. Door Milosevic te berechten worden Serviërs met zichzelf geconfronteerd: een ware weerspiegeling van de afgelopen periode moet ervoor zorgen dat het volk collectief afscheid neemt van een politiek van haat die, uiteindelijk, een suïcidale politiek bleek te zijn.

 Serviërs moeten hun spijt betuigen voor de misdaden die uit hun naam zijn begaan. Ze moeten die misdaden eerst kunnen zien, dan herkennen en, eindelijk, veroordelen. Daarvoor is een proces tegen Milosevic in Servie niet alleen van symbolische waarde: het kan een collectieve loutering zijn voor Servië.

 Goran Trkulja, uit Bosnië en Herzegovina afkomstig, is journalist.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *